169. Weer een fijne plaat van Kurt Vile

I.
In 2013 maakte ik kennis met de muziek van Kurt Vile dankzij het album Wakin On A Pretty Daze. Nog steeds als ik ‘m opzet valt als vanzelf de zon naar binnen. Het woord vibe lijkt wel voor Kurt Vile uitgevonden. Zijn muziek lijkt geen enkele moeite te kosten, zo dromerig en hangerig als het klinkt.
Hetzelfde jaar bezocht ik een concert van Kurt Vile in Paradiso. Het enige wat ik daar nog van weet is dat de drums zó hard afgesteld stonden dat het de hele laidback-sfeer verpestte.
Kurt Vile heb ik niet op de voet gevolgd. Maar de laatste tijd ben ik weer heel erg in de markt voor zijn slackerrock. Laatst luisterde ik naar Vile’s album Back to Moon Beach (2023), waar het nummer Tom Petty’s gone (but tell him i asked for him) op staat. Vile zingt dan “Bob Dylan’s here / And what a slippery son of a gun / If he was ever in my sights / I’d probably melt down like a nuclear reactor”. Ik heb een zwak voor zulke regels en weet niet precies waarom. Misschien is het de beschrijving van Bob Dylan als slippery son of a gun.
Een week geleden verscheen nieuw werk van Kurt Vile: Philadelphia’s been good to me. Ik ben er weer aan verslingerd. Er lijkt zo weinig aan de hand in zijn muziek, het klinkt zo terloops. Maar op zijn nieuwste album klinkt Vile wat meer existentieel dan normaal. Op Holiday OKV: “I’m writing lyrics in my study / Thinkin’ bout all my little buddies / I lost along the way / It’s just that demon life had / Got its claws in them / I dream big, bomb hard, crash ‘n burn, took a nose dive / Man, it feels good to be alive.”
Niets in het leven is perfect, dat weet Kurt Vile ook wel. In Philly’s been good to me zingt hij: “Philadelphia’s been good to me / Let’s hope I don’t fall in the Schuylkill River / That’s the river that’s polluted as hell / But it runs through my town and I ain’t puttin’ it down”. Je kunt van overal van houden, ondanks de tekortkomingen. Het is een vervuilde rivier, maar wel zíjn vervuilde rivier.
Op Paul McCartney’s nieuwe album, dat op dezelfde dag uitkwam als de nieuwste plaat van Vile, staat ook een nummer met dit idee als uitgangspunt. Samen met Ringo Starr zingt McCartney op het nummer Home to Us over hoe weinig ze als kinderen hadden, maar dat het niets uitmaakte. “The roses in the yard began to wilt and then they turned to dust / But it was home to us.”
Een toevalligheid natuurlijk, dat de artiesten beiden over hetzelfde universele gevoel zingen. Van beide albums blijf ik meer hangen bij Kurt Vile, trouwens. In augustus staat hij weer in Paradiso. Misschien toch maar weer eens gaan kijken. En als de drums weer te hard staan, is dat een tekortkoming die ik maar moet accepteren.
II.
Het is een klein wonder dat de tv-serie Spider-Noir bestaat. Nicolas Cage speelt een nihilistische speurneus die nauwelijks de eindjes aan elkaar kan knopen. Hij neemt dan maar een zaak aan van een klant die gelooft dat zijn vrouw vreemdgaat. Al snel belandt de detective in een web van intriges.
Oh ja, Cage speelt in deze serie dus Spider-Man in een alternatief universum.
Spider-Noir staat in twee versies op Amazon Prime Video: een in kleur en een in zwartwit. Waarom je voor kleur zou kiezen bij een serie waar ‘noir’ in de titel staat, is mij een raadsel. Het ziet er waanzinnig uit in zwartwit. De makers gaan all-in om zich het film noir-genre uit de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw eigen te maken. Denk aan rokerige ruimtes, mooie zangeressen, luxaflexen waardoor het licht binnenvalt, hoeden en lange jassen, grote schaduwen op de muren en Dutch angles.
Ik heb er een zwak voor. Nicolas Cage ook. De acteur speelt altijd groots en luid, maar is ook een liefhebber van filmgeschiedenis. Hij speelde al eens een Bela Lugosi-achtige Dracula in Renfield. Dat is verder een niet erg geslaagde film, maar de openingsscène maakte me wel nieuwsgierig naar Cage in een serieuze rol als Universal Monster, zoals in die films van bijna honderd jaar oud.
Cage gaf al eens aan dat hij open zou staan om Frankenstein (de dokter, niet het monster) te spelen. Of de Wolf Man. Ik zie het hem allebei doen in films die de klassieke stijl volledig durven omarmen, zoals Spider-Noir dat doet met het noir-genre¹. Tot die tijd moeten we het doen met de meeste onwaarschijnlijke versie van Spider-Man die je je kunt voorstellen. Ook geen straf.
PS.
Ontwerper Bryan Macomber heeft een website waarop hij met fraaie animaties uitlegt hoe dingen zoals een mechanisch potlood, een Zippo en een Pez-dispenser werken. Ik hou ervan. (via Kottke)
Uitgevers overladen ons deze weken weer met nieuwe aankondigingen voor games die de komende tijd uitkomen. Zo waren er fraaie trailers te zien van titels als God of War Laufey, Wolverine en Resident Evil Veronica. Ik kijk erg uit naar gen ATLAS, de nieuwe game van Fumito Ueda, die eerder klappers als ICO en Shadow of the Colossus maakte.
Bob Dylan (sinds een paar weken 85 jaar) is begonnen aan een nieuwe Amerikaanse tour. Een stuk minder nummers op de setlist komen van zijn laatste album Rough and Rowdy Ways en dus is er weer ruimte voor ouder werk zoals All Along The Watchtower en Rainy Day Women #12 & 35. Dylan speelde zelfs Baby, Won’t You Be My Baby. Hij nam het nummer 59 jaar geleden op en het verscheen alleen op demoverzamelaar The Bootleg Series Vol. 11. Dylan blijft verrassen. Dat hij zijn set tegenwoordig eindigt met Crossing the Rubicon, daar hoeven we hopelijk niets in te lezen.
Fijn dat Netflix af en toe nog geld steekt in knotsgekke projecten zoals de stopmotionfilm I Am Frankelda.
Rotnieuws deze week, schrijver Lieke Marsman is overleden. Twee dagen na haar dood verscheen haar nieuwe boek De dichter en de duivel. In de video hieronder draagt ze een van haar bekendste gedichten voor, over de naderende dood.
Ik wil de vanille van een oud boek
Ik wil een koud flesje bier
en ik wil jou, nog één keer
Vergeet vogels die zingen
Ik wil mijn hond horen drinken
Je las blog №169, geschreven in de week van 1 tot en met 7 juni 2026. Abonneer je op mijn nieuwsbrief en je ontvangt ‘m elke zondag gratis in je mailbox.
